Nieuwsbericht

Hanzevast platgewalst

6 februari 2009

GRONINGEN - Nachtelijke busreizen op doordeweekse dagen vanuit een stad aan de andere kant van het land zijn natuurlijk niet de favoriete bezigheid van de ploeg van Zorg en Zekerheid. Maar donderdagavond werd de tocht van Groningen naar de Sleutelstad bijna beleefd als een schoolreisje. Het was dan ook niet niks geweest, de uren ervoor in Martiniplaza.

Door Jan van der Nat

Winnen van Hanzevast Capitals deed de Leidse ploeg er al eerder, maar met 26 punten verschil... Wéér 26 punten verschil. Net als zaterdag tegen Rotterdam Challengers. Toen was het 83-57 en nu stond er de nauwelijks te bevatten eindstand van 63-89 op het scorebord van Martiniplaza, waar de 2200 fans van Hanzevast met de staart tussen de benen afdropen.

Je moet acht jaar teruggaan in de geschiedenis om zo'n vernedering van de Groningse ploeg in eigen hal te kunnen vinden. In 2001 vertrok het toen oppermachtige EiffelTowers Nijmegen met een 63-91 overwinning. Maar tegen die ploeg - toevallig gecoacht door de huidige technische man van Hanzevast Marco van den Berg - was toen geen kruit gewassen.

Bij dit soort grote verschillen komt onwillekeurig altijd een ‘Van Gaaltje' om de hoek kijken. ‘Was Hanzevast nou zo slecht, of was Zorg en Zekerheid Leiden zo goed?' Natuurlijk stonden de Groningse aanhangers te dringen om dat eerste te verklaren. Misschien niet helemaal onterecht, maar het zou niet juist zijn om achter die zin een dikke punt te zetten.

Een oeroude sportwet zegt, dat je speelt zoals je tegenstander het toelaat. En die tegenstander - Leiden dus - liet heel weinig toe. Net als tegen Rotterdam Challengers had de ploeg van Toon van Helfteren zijn zaken van meet af aan vooral verdedigend goed voor elkaar.

Dat stempel heeft Van Helfteren sinds zijn entree in Leiden duidelijk op de ploeg gelegd. De grens van zeventig punten tegen is daarbij zo ongeveer de norm. En als je daarbij in de buurt wilt komen, zul je vooral de schutters moeten aanpakken. Er dat gebeurde dus. Net als tegen Rotterdam kregen de guards weinig goede schoten.

Jansen, Thomas, Whittington en Royé namen er samen in de hele wedstrijd twintig tegen vijftig procent. De lange mannen Khazzouh en Brempong mochten (net aan overigens maar) in de dubbele cijfers komen, want de angels en het gif waren al geneutraliseerd.

Sinds Hanzevast weer meedoet in de subtop is het Hosanna niet van de lucht in Groningen. Torey Thomas repte 's morgens in het plaatselijke dagblad zelfs openlijk over titelkansen. ‘We wilden graag bewijzen dat we terecht op de tweede plaats staan', zei Marco van den Berg later. ‘Wel, voor dat examen zijn we dus gezakt'.

En behoorlijk ook, want de opgaven die Zorg en Zekerheid Leiden de Groningse ploeg voorschotelde waren veel en veel te moeilijk voor de soms stuntelende discipelen van Van den Berg.

Bijvoorbeeld de mismatch, die ontstond omdat Seamus Boxley als 2-guard moest spelen. Mick Burger - tegen Rotterdam nog zo sterk - moest namelijk verstek laten gaan met een knieblessure. Met JS Nash aan de andere kant en het voortdurend uitstappen en switchen van David Chiotti, Cedric McGowan en Niels Meijer op de guards van Hanzevast als er maar even gevaar dreigde, controleerde Zorg en Zekerheid Leiden de zaken.

Na de openingspunten van de in Groningen nog altijd zeer geliefde Niels Meijer, namen Hanzevast heel even de leiding in de wedstrijd over, maar moest na 11-8 weer voorrang geven aan Leiden, dat met 16-20 het eerste kwart keurig afsloot.

Maar wat kon de ploeg van Toon van Helfteren? Niet alleen Mick Burger zat in trainingspak op de bank, ook Johan Kuijper (schouder) en nog altijd Vincent Krieger, Sjors Besseling en Bern Persoon waren niet inzetbaar. Naast de basis (Boxley, Chiotti, Nash, McGowan en Meijer) konden de coaches alleen beschikken over Bubba Walther, Frank Schaftenaar, Joey Schelvis en Youri van der Linden, die gelukkig iets kon regelen op school en met een ‘particuliere chauffeuse' naar Groningen kwam.

Dat was alles behalve een luxe situatie en foutenlast zou vermoedelijk grote gevolgen hebben. Maar er werd ‘netjes' gespeeld en alleen Cedric McGowan kwam op scherp te staan, toen hij een ‘lullige' technische fout kreeg, omdat hij de bal wat slordig in de richting van de scheidsrechter gooide.

Dat was vlak na het begin van het derde kwart, waaraan Zorg en Zekerheid Leiden was begonnen met een voorsprong van elf punten: 30-41. Maar de ploeg liet zich niet van de wijs brengen, liep uit tot veertien punten (36-50) en ook een kortstondige opleving van Hanzevast - onder luide aanmoedigingen van de fans - werd gepareerd. Het verschil werd zeven, maar daarna razendsnel weer dertien.

Langzaam kwam het geloof in een stunt. Maar de weg was nog lang. De thuisploeg slaagde er echter maar niet in om onder de tien te komen en er zo weer een wedstrijd van te maken. Dat gat was er twee minuten in het vierde kwart nog steeds en voor Hanzevast ging de tijd dringen.

Anderhalve minuut later hees Marco van den Berg de witte vlag, nadat Bubba Walther  achter het driepuntskanon plaatsnam en met drie uit vier de Groningers letterlijk plat schoot. Van den Berg nam nog een time out, maar zal de zinloosheid daarvan snel hebben ingezien, toen eerst Meijer op assist van Boxley en direct daarna dezelfde twee in omgekeerde volgorde als een warm mes door de boter sneden en de defensie van Hanzevast klopten.

Willen bewijzen dat je terecht op de tweede plaats staat en dan zo´n pak slaag krijgen. Een mentale dreun van jewelste natuurlijk. En bij Zorg en Zekerheid Leiden? Daar overheersten uiteraard de ‘big smiles'. Hoewel... niet bij iedereen. Niels Meijer en Seamus Boxley kwamen namelijk gehavend uit de strijd. Als volleerde boksers liepen ze beiden letterlijk een blauw oog op.

Maar ach, er zijn van die avonden dat je pijntjes niet voelt...

Voor statistieken KLIK HIER
Fotoreportage Richard Koolen KLIK HIER