Nieuwsbericht

Schokeffect blijft uit

4 december 2008

ROTTERDAM - Je hoopt natuurlijk met een nieuwe coach aan het roer altijd op het befaamde schokeffect. Maar dat zat er voor Zorg en Zekerheid Leiden donderdagavond tegen Rotterdam Challengers niet in. Toon van Helfteren debuteerde bij Leiden met een 72-59 nederlaag, een groter verschil dan de ploeg verdiende. Echter wel logisch, omdat er in de laatste fase allerlei dingen geprobeerd moesten worden om nog bij Rotterdam te komen.

door Jan van der Nat

Natuurlijk was er bij sommigen de hoop dat de hele zaak nu als een blad aan de boom zou omdraaien. Maar dat kon natuurlijk niet. Al zijn ervaring ten spijt is Toon van Helfteren geen tovenaar, die na drie dagen met het stokje te hebben gezwaaid als de Grote Verlosser kan worden aangemerkt. Iedere coach - en dus ook Van Helfteren - heeft zijn eigen gedachten over het spelletje en heeft wat tijd nodig om die over te brengen op de ploeg.

Van Helfteren kwam in die eerste drie dagen al met wat andere dingen voor de ploeg van Zorg en Zekerheid, die deels toch al een beetje zichtbaar werden in de wedstrijd. De lange Delftenaar lijkt een fan van de driehoekjesaanval, waarbij het spel aan één kant van het veld wordt geconcentreerd. Hij is zeker ook een liefhebber van goed verdedigen, want dat maakt het tenslotte aanvallend alleen maar gemakkelijker om voldoende punten te maken voor de winst.

Voor Rotterdam, een ploeg die hij deels natuurlijk heel goed kende, had hij samen met zijn assistenten zijn huiswerk goed gedaan. Er werd zeer fanatiek verdedigd op Bobby (B.A.) Walker en op de 'kleine generaal' Charles Richardson. In de thuiswedstrijd van oktober was dat duo goed voor veertig punten, Walker is/was tweede op de nationale topscorerslijst met 22.4 gemiddeld en wilde zijn 24e verjaardag natuurlijk luister bijzetten.

Wel, hij zal zich deze persoonlijke feestdag nog lang herinneren, want hij werd in de eerste helft op nul gehouden en kwam niet verder dan elf punten in totaal. Richardson kwam ook al niet veel verder. Dat was de verdienste van Mick Burger, Bubba Walter, JS Nash en Vincent Krieger.

Vooral in de openingsfase liep het prima bij Zorg en Zekerheid. De enige Rotterdammer die iets in de melk te brokkelen had was Chaz Briggs, de Amerikaan die ruim na het begin van het seizoen binnenkwam in de Maasstad. Want hoe goed de defensie van de Leidse ploeg vaak ook stond, een antwoord op Briggs was er niet of nauwelijks. Hij zou afsluiten met 22 punten en 16 rebounds. Logisch dat hij Man of the Match werd, want een andere keuze was er gewoon niet.

Zorg en Zekerheid schoot met 11-19 het eerste kwart uit en dat was natuurlijk een heerlijk begin. Ook voor de honderd fans, die de blubbersneeuw en de file-ellende hadden getrotseerd en in het Topsportcentrum bijna twintig procent van de bezetting uitmaakten.

In het tweede deel liep het echter anders. Zorg en Zekerheid kreeg nogal gemakkelijk wat fouten aangesmeerd en zat daardoor snel aan de vijf als team. Vooral Phil Grant wist wel raad met de vrije worpen. Rond de vijftiende minuut gooide hij er zes op rij raak en bij de rust stond Rotterdam op 13 uit 14. De helft van de punten van de thuisploeg in het tweede kwart kwamen vanaf de lijn.

Maar de ploeg van Van Helfteren was nog lang niet geklopt. Het was 33-33 en ook in deel drie ging het nog goed, hoewel de achterstand er toch kwam. Dat was eigenlijk minder de verdienste van Rotterdam Challengers, als wel het aanvallende onvermogen van de Leidse ploeg op sommige momenten. Vooral Seamus Boxley had het vizier van dichtbij niet op scherp staan en zou in totaal zes van de negen keer missen.

Dát waren onder andere de punten, die Zorg en Zekerheid in het spoor van Rotterdam hadden kunnen houden, hoewel er bij 51-45 na dertig minuten nog altijd kansen waren. In deel vier werd het zelfs even stil in de hal. Behalve dan in de hoek waar de Leidse aanhang zat, want die maakte zich bij 54-52 en 56-54 op voor de vervroegde surprise.

Maar uitgerekend toen ontsnapte B.A. Walker even aan de aandacht van Bubba Walther en daarna aan die van Mick Burger. Het gat werd weer zes. David Chiotti halveerde nog wel via een score met bonus, maar de kracht vloeide weg bij de Leidse ploeg. Een turnover van Nash, een 24-seconden overtreding en twee missers van Boxley bleken beslissend. Vlak daarna kon de deksel op de pan, toen Sullivan Sykes 64-57 maakte.

Van Helfteren nam zijn derde en laatste time-out, maar kon niet veel meer uitrichten. Er moest geforceerd worden en dan is succes maar zelden haalbaar. Vrolijk word je natuurlijk nooit van een nederlaag, maar het was duidelijk zichtbaar dat er muziek in deze ploeg zit. Of dat zaterdag tegen Hanzevast al voor een aangenaam slotakkoord kan zorgen is de vraag. Nieuwe bezems vegen schoon, maar hebben even de tijd nodig.

Voor fotoreportage Richard Koolen KLIK HIER
Voor statistieken KLIK HIER
Voor samenvatting KLIK HIER