Nieuwsbericht

Monsterzege tegen Rotterdam

2 april 2011

LEIDEN - Van een echte wedstrijd was maar heel even sprake. Vijf minuten en een seconde of wat. Toen had Worthy de Jong met een superdunk met een hele draai de eerste voorsprong op het bord gezet en Monta McGhee zijn eerste driepunter binnengegooid.

Vanaf dat moment was het van Leidse zijde alleen maar leuk in de natuurlijk weer volle Vijf Meihal, waar Toon van Helfteren zijn ploeg eigenlijk maar één opdracht had gegeven: maak honderd punten en vermaak het publiek.

 
En dat lukte. Zorg en Zekerheid Leiden sloot af op 102 en de arme tegenstander Rotterdam kwam niet verder dan 41. Beide zijn records voor dit seizoen en de 61 punten verschil is dat natuurlijk ook.
 
Het was de eerste keer dit seizoen dat Zorg en Zekerheid de honderdpuntengrens passeerde en pas de vijfde keer in de clubgeschiedenis, waarbij moet worden aangetekend dat het twee keer tegen Aris gebeurde na respectievelijk twee en drie verlengingen. 
 
De 41 punten tegen zijn een dik clubrecord, want dat stond met 55 op naam van  Nijmegen. Het is ook een seizoenrecord voor de eredivisie, al moet Zorg en Zekerheid Leiden dat delen met GasTerra, dat zaterdag ook slechts 41 punten incasseerde tegen Amsterdam. Vier punten minder nog dan Amsterdam op 25 september tegen EiffelTowers. Het is de laagste score in de eredivisie sinds de 37-69 eindstand tussen Prisma Utrecht en Gunco Rotterdam in het seizoen 1999-2000.
 
Het verschil van 61 was dit seizoen in de Dutch Basketball League ook nog niet vertoond. Het seizoenrecord stond op 48 sinds EiffelTowers op 13 januari met 98-50 van Landstede won. Overigens hoeft er nooit meer te worden gedacht aan de ‘eeuwig’ record qua verschil, want dat staat op... 131.
 
Waar Worthy de Jong een paar heerlijke dunks in huis had, vermaakte Monta McGhee de 1200 toeschouwers met zijn specialiteit: de verre driepunter. Liefst acht stuks gooide hij er in en ook dat aantal is goed voor een plekje in de recordboeken. Op 18 maart 2010 maakte Ronny LeMelle er in de thuiswedstrijd tegen EiffelTowers zeven.
 
Met het schutterswerk van ‘De Tovenaar van Leiden’, of ‘Mister McThree’, werd het eigenlijk nog best leuk in de Vijf Meihal, waar zondag een groot deel van de nieuwe tribune van stoeltjes werd voorzien. Dat de uitbreiding geen luxe is, werd zaterdagavond maar weer eens bewezen, want ook voor een wedstrijd, die voor 99,9999 procent gewonnen zou worden stroomden de tribunes helemaal vol.
 
Even keek Rotterdam of er misschien toch nog iets te halen zou zijn. Met een zoneverdediging werd de Leidse aanval aangepakt en dat leverde via Ormskerk en Jones zowaar een Rotterdamse voorsprong op: 4-7. Maar het was uiteraard een gevecht tegen de bierkaai. Zorg en Zekerheid heeft nu eenmaal vele malen meer klasse in huis dan de uitgeklede formatie uit de Maasstad, waarvan je je moet afvragen of die komend seizoen nog wel bestaat.
 
Er zal in de schaduw van de Kuip nóg meer werk moeten worden verzet dan bij Feyenoord wil het Rotterdamse basketball kunnen overleven en vooral iets meer gaan voorstellen dan dit seizoen, want de wedstrijden zijn voor de andere teams – van wie alleen Magixx Nijmegen zich een keer verslikte – slechts een hinderlijke onderbreking van het seizoen.
 
Zorg en Zekerheid Leiden had daar zaterdag geen boodschap aan en ging voortvarend aan de slag om het gestelde doel (honderd punten) te bereiken. Dat zou dus gaan lukken, maar wat later dan coach Toon van Helfteren had gehoopt. Hij had graag zijn topspelers wat eerder naar de kant gehaald. Nu gebeurde dan pas in de laatste minuut.
Op de bank zat Thomas Jackson al bijna de hele wedstrijd. Hij begon wel aan het duel, maar ging nu iets meer dan vijf minuten naar de kant. Hij heeft wat irritatie in een knie en de medische staf had het advies gegeven ‘als het niet nodig is, dan liever niet...’
 
Na vijf minuten was het duidelijk dat het ‘niet nodig’ was. Met Terence Robinson in zijn plaats, regelmatig afgewisseld door Arvin Slagter, draaide het ook prima. Was de tussenstand na tien minuten (21-15) nog normaal te noemen, de volgende stops van 32-11, 24-5 en 35-10 spraken duidelijke taal op weg naar de 102-41.